Aanvullende therapie vormen:
Acupunctuur en dry needling
Acupunctuur vormt naast de kruidenleer, de bewegingsleer (chi kung / tai chi) en de massage (tuina) een onderdeel van de klassieke chinese geneeskunde. Deze geneeskunde onderscheidt zich van de westerse, natuurwetenschappelijk gefundeerde geneeskunde door een pragmatisch ‘energetisch’ mensbeeld. Dat wil zeggen volgens de chinese leer is een mens gezond wanneer zijn energie harmonieus in balans is en door zijn lichaam stroomt. Bij een acupunctuur behandeling worden dunne ( nagenoeg pijnloze ) naalden gebruikt op specifieke punten van de meridianen om de energetische werking ervan gunstig te beïnvloeden. De ashi-methode binnen de acupuctuur behandelt uitgesproken pijnpunten. Dit bewerkstelligt een locale pijnverlichting op grond van het vrijkomen van endorfinen.
Verstoorde inwendige energiestromingen in de energiebanen ( meridianen ) verstoren de werking van de interne organen en dit heeft een nadelige invloed op de gezondheid.
Dry needling is een ( westerse ) afgeleide techniek van deze oude ashi-methode. Zij wordt gebruikt bij zogenaamde myogelosen of spierverhardingen. Deze zeer locale spierverhardingen ( in de volkmond: spierknopen ) bevinden zich in de spierbuik van veelgebruikte of overbelaste spieren. Kenmerken van een myogelose is dat zij drukgevoelig zijn en zich vaak een duidelijk aanwijsbare pijnplek bevinden. Een in het spierweefsel ‘ingekapseld ‘ spierstructuurtje, met als gevolg een verminderde locale stofwisseling wordt als oorzaak gezien van een myogelose. Bij dry needling wordt deze ‘inkapseling’ ’aan-geprikt’ waarbij de locale stofwisseling opnieuw geactiveerd wordt.
Bindweefselmassage
Bindweesfel massage in een in oorsprong in Duitsland onwikkelde vorm van massage om invloed uit te kunnen oefenen op inwendig gelegen orgaanstructuren. In het onderhuids bindweefsel liggen zenuwuiteinden opgeslagen die via neurologische reflexketens binnen het autonome, vegetatieve zenuwstelsel verbinding onderhouden met interne organen. De oppervlakkig in het bindweefsel gelegen reflexzones worden met specifieke massage handgrepen en technieken behandeld. Het behandelingsgebied varieert van onder meer circulatie- en voedingsstoornissen in organen of weefsels tot hoodpijn en migraine.
Haptonomie
Haptonomie is een studie van de affectiviteit of het gevoelsleven onwikkeld door Frans Veldman: “De haptonomie heeft als benaderingswijze niet te maken met aanrakingstechnieken en methodes, zoals die als technische handgrepen op het menselijk lichaam binnen de fysiotherapie van toepassing zijn”. In deze mensvisie staat het gevoel centraal en wordt het gevoel gezien als de basis en de oorsprong van de ontwikkeling, zowel fysiek als emotioneel. De emotie vindt, als bezielde lichamelijkheid, in het lichaam zijn substraat: ziel, lichaam en geest zijn onverbrekelijk verbonden. Strikt genomen is haptonomie geen therapie, maar een niet-objectiverende manier van benaderen, welke onder meer binnen de gezondheidszorg een praktische toepassing vindt.
Een haptonoom is iemand, die studie maakt van de wetmatigheden de haptonomie. In zijn benaderingswijze verwezenlijkt hij/zij een ontplooing van gevoels- en gemoedsleven. Bij lichamelijke klachten of specifieke problematiek in het dagelijkse leven is het gevoel, wat in het lichaam tot uitdrukking komt, dan ook de invalshoek van waaruit gehandeld, geadviseerd of behandeld wordt.
Een haptotherapeut analyseert de individuele complexiteit en wisselwerking tussen gevoel en gedrag. Het doel daarbij is het ontwikkelen van de eigen vitaliteit en vitale leefruimte om relaties en communicatie aan te gaan vanuit een eigen affectieve gevoelsbeleving. Hierbij is de persoonlijke lichaamsbeleving steeds uitgangspunt. In het geval van stress-gerelateerde klachten dient men bijvoorbeeld te denken aan eventueel ‘onbekende’ of ‘verborgen’ onderliggende gevoelsbelevingen, die stagnerend werken om optimaal zijn mogelijkheden te kunnen ontplooien.
Vanuit het inzicht dat gevoel ↔ lichaam ↔ gedrag een eenheid vormen, vindt een ( fysiotherapeutische ) behandeling op haptonomische basis c.q. een haptotherapeutische behandeling veelal plaats op basis van de toepassing: ‘hands-on’.
Haptonomische zwangerschapsbegeleiding is in de praktijk vaak een welkome toepassing gebleken. Deze is met name gericht, om al in een vroeg stadium van de zwangerschap, de affectieve relatie tussen ouders en kind te onderhouden c.q. te ontwikkelen.
MANUELE THERAPIE volgens methode MARSMAN
De Manuele Therapie Marsman is een specialistische methode van manuele therapie. Zij is theoretisch onderbouwd en geïnitieerd door J.Marsman. B. Gelevert en H. Leferink hebben deze methode praktisch verder ontwikkeld. Manuele therapie wordt toegepast door aangrijpen op het gehele en totale bewegingsorganisme van het menselijk lichaam. Zij kenmerkt zich door behandelingen zonder apparatuur. Het bewegingsorganisme omvat spieren met daarbij behorende peesstructuren, gewrichten met gewrichtskapsel en huid met onderhuids bindweefsel.
Indien nodig worden naast de wervels ook de schedel met de verschillende schedelbotten, het bekken met het heiligbeen en de extremiteiten, armen en benen behandeld. Indirect worden daarbij tevens de inwendige organen, die meedoen tijdens het bewegen, beïnvloed. Zoals bijvoorbeeld grotere beweeglijkheid van de ribben invloed heeft op de functie van het longweefsel via de ruimte in de borstkast.
De Methode Marsman is een reguliere manueel therapeutische methode, maar zij onderscheidt zich ook van andere manuele therapieën. Er wordt geen gebruik gemaakt van zogenaamde ‘high velocity’ technieken, tijdens welke de suggestie gewekt wordt dat met enkele snelle, rake klappen de wervels ‘recht’ gezet kunnen worden.
Ieder mens ontwikkelt gelijktijdig met een (vaak geringe) a-symmetrie in zijn bewegingsorganisme een zekere voorkeur in een bepaald beweegpatroon, zoals bijvoorbeeld de handzetting aan de steel van de schop bij spitten of de voorkeur voor een bepaald been om als eerste vooruit te zetten. Bij klachten aan het bewegingsorganisme wordt de behandeldiagnose bepaald door een analyse van dit aangeleerde en ontwikkelde bewegingspatroon. Hierbij wordt de bewegingsvoorkeur per wervel- / gewricht onderzocht.
Aan de hand van de bevindingen van deze analyse wordt er een behandeling ingesteld om die specifiek lichaamseigen voorkeursbeweging te bevorderen en te verbeteren. Daarnaast worden de door de klacht belemmerende beweeg patronen hersteld, waarmee tevens de belastbaarheid geoptimaliseerd wordt. Met de oefeninstructie – individueel en toegesneden op het eigen beweegpatroon – draagt deze methode bij aan preventie van herhaling van de klacht, omdat de klacht mechanisch oorzakelijk behandeld wordt.
De uitwerking en het resultaat van de behandeling is afhankelijk van:
• aard en duur van de aandoening
• actieve medewerking van behandelde persoon
• niveau van verdragen van lichamelijke belasting en belastbaarheid
